Er zijn een aantal zaken die niet tot de
verplichte uitrusting van een auto horen. Dit zijn:
- Gevarendriehoek
- Reservelampen
- Brandblusser
- Verbandtrommel
Als je op het theorie-examen bij het
C.B.R. de vraag krijgt: U rijdt hier zonder in het bezit te zijn van
een gevarendriehoek. Mag dat? Dan is hierop het antwoord: Ja.
Over de gevarendriehoek bestaat de
meeste onenigheid; is deze wel of niet verplicht? Het antwoord hierop
is nogal raar. Je bent niet verplicht een gevarendriehoek in de auto
bij je te hebben. Het is echter wel verplicht om een gevarendriehoek
te plaatsen als je de auto laat stilstaan op een plaats waar je auto
niet tijdig door naderende bestuurders kan worden opgemerkt. Staat je
auto met pech, dan moet je de gevarendriehoek goed zichtbaar plaatsen
op een afstand van ongeveer 30 meter in de richting van het verkeer
waarvoor je niet tijdig te zien bent.
Nu komt er nog een leuke zin achteraan
en dat is: "Je mag in plaats van een gevarendriehoek te gebruiken
ook de knipperende waarschuwingslichten laat branden."
Het is niet verplicht een set
reservelampen in je auto te hebben. Gaat er onder het rijden een lamp
kapot dan moet je deze kunnen vervangen. Net als de gevarendriehoek is
het aan te raden een set reservelampen in de auto te hebben. Wat ook
wel eens voorkomt is dat je onderweg wordt aangehouden door een
politieagent omdat een van de achterlichten niet werkt. Heb je dan een
set reservelampen bij je en je kan het defect zelf verhelpen dan krijg
je geen bekeuring. Heb je geen reservelampen bij je dan kan er een
bekeuring volgen.
Brandblussers en verbandtrommels
behoren eveneens niet tot de verplichte uitrusting. Toch is er in het
verleden een hoop narigheid voorkomen doordat een oplettende
automobilist hulp aanbood en kon aanbieden omdat hij een brandblusser
of een verbandtrommel bij zich had.
|