|
Koeling
Een motor kan gekoeld
worden door lucht of vloeistof. Als de motor niet goed
gekoeld word, loopt de temperatuur van de motor te hoog op
en kan er ernstige schade ontstaan aan de motor.
Als de motor gekoeld wordt
door vloeistof dan controleer je de radiateur, de slangen
en het vloeistofniveau.
De radiateur controleer je
op vuil en/of insecten. Verwijder eventueel vuil
voorzichtig met stromend water. Gebruik absoluut geen hoge
druk om beschadiging van de koelribben te voorkomen.
De slangen controleer je op
barsten en beschadigingen. Tevens controleer je of de
aansluitingen goed zijn bevestigd.
Het vloeistofniveau
controleer je door te kijken of het reservoir
vloeistofniveau tussen twee niveaustreepjes staat. De
plaats waar het reservoir zich bevindt is per motorfiets
verschillend.
Bij een Honda CB 500
bevindt het reservoir zich achter de rechter
zijdeksel.
Bij een kawasaki ER-5
bevindt het reservoir zich onder het zadel.
Langs de carburateur van
een kawasaki ER-5 loopt een slang gevuld met
koelvloeistof. Deze slang voorkomt het bevriezen van de
carburateur. Ter hoogt van de carburateur bevat deze slang
een kijkglaasje. Hieraan kun je zien of daadwerkelijk de
carburateur verwarmd wordt.
Goede
kleding voor de motorrijder bestaat uit:
- Laarzen,
- Handschoenen,
- Helm,
- Jas
en broek of compleet motorpak,
- Regenkleding,
- Gehoorbescherming,
- Sjaal,
- Een
bril tegen insecten, stof en als bescherming tegen de
(laagstaande) zon.
|